 | Trek een rode lijn van bodem A naar top B, deel
deze lijn in tweeën en trek vanaf een voorgaande top C een lijn door dit
middelpunt, welke lijn ik dan de middellijn noem. |
 | ............ |
 | We breiden deze twee rode lijnen even uit, en
trekken parallel aan deze middellijn een lijn over top B en een lijn door
bodem A. |
 | Op dat moment heb je de normale Pitchfork welke in
bovenstaande grafiek is weergegeven met de dikke rode lijnen. |
 | Alan Andrews was van mening dat deze middellijn
gebaseerd was op "physics". |
 | Hij was van mening dat de koers om de middellijn een
soort van sinus beweging maakt, een cyclus; dus de eerste helft van de sinus
beweging boven de middellijn, waarna het volgende gedeelte van de sinus door
de middellijn heen daalt, eronderdoor gaat, waarna het laatste gedeelte van
de sinusbeweging weer terug gaat naar de middellijn voordat de sinus af is,
voordat dus de cyclus voltooid is. |
 | Alan Andrews had ontdekt dat dit in 80% van de
gevallen opgaat, dus in 80% van de gevallen gaat de koers weer terug naar de
middellijn. |
 | ........ |
 | Nu ziet zo'n vorkje met die paar lijnen er net even
te simpel uit natuurlijk ;-)) |
 | We meten nu de afstand vanaf de middellijn naar
één van de buitenste lijnen, en trekken onder en boven die lijnen, met
gelijke afstanden, nog een aantal parallelle lijnen. |
 | Dit worden attentie lijnen genoemd, en zijn in
bovenstaande grafiek weergegeven met de gele lijnen. |
 | Heel vaak zal de koers bij doorbraak van de
pitchfork lijnen een pivot vinden bij één van deze gele lijnen, daar dan
van richting veranderen en weer de volgende/vorige lijn opzoeken. |
 | Deze attentie lijnen geven dus een mogelijk
koersdoel bij doorbraak van een lijn; waarbij het koersdoel dan natuurlijk
de volgende lijn is. |
 | . |
 | Even tussendoor: soms loopt de middellijn te steil,
dat is afhankelijk van het gegeven hoe de toppen ten opzichte van elkaar
liggen waar vanaf je de pitchfork lijnen construeert. |
 | Wat je dan kan doen, is de afstand C-B nemen en deze
afstand in tweeën delen (loodrecht naar boven vanuit punt C gemeten naar de
hoogte van punt B) en dan vanaf dat middelpunt een lijn trekken naar het
middelpunt van lijn A-B. |
 | Dit komt dan soms beter overeen met het koersverloop
wat erna volgt. |
 | Onderaan dit stukje is een voorbeeld grafiek, figuur
4, toegevoegd. |
 | . |
 | Dan even over het punt waar de koers na punt B
vermoedelijk weer de middellijn zal raken, ik noem dat de pivotzone in tijd. |
 | Tel het aantal koersbars vanaf punt C --> punt A
en tel het aantal koersbars vanaf punt A --> punt B. |
 | De pivotzone vanaf punt B gerekend is dan het
grootste aantal bars, dus in de door jouw meegestuurde grafiek 30 bars. |
 | De koers zal dan binnen 30 bars waarschijnlijk weer
de middellijn raken. |
 | Gaan we nog even door, het ziet er allemaal nog net
even te simpel uit .. niet waar ? ;-)) |
 | We meten nu de horizontale afstand (tijd) vanaf punt
C naar de lijn A-B, en trekken daarna lijnen evenwijdig aan lijn A-B vooruit
in de tijd, dus naar rechts in de grafiek. |
 | In bovenstaande figuur 1 zijn dit de blauwe
stippellijnen. |
 | Dit zijn reactielijnen, de koers zal vaak binnen een
paar bars afstand reageren op deze lijn, en soms zelfs op de lijn. |
 | Hier omheen kan je een heel trading systeem bouwen,
met weer ingevoegd mini-pitchforkjes enz., maar dat wordt me allemaal teveel
schrijfwerk, waarschijnlijk dat ik er een keer een stukje over schrijf op
mijn site, ik meld dat dan wel. |
 | . |
 | Zo gaat de e-mail nog even door, met nog wat
bijgevoegde voorbeelden, waarvan ik even twee hieronder neerzet: |
 | S&P500 kortere termijn. |
 | Figuur 2: |